Monique: "Zonder vast werk kun je geen toekomst uitbouwen"

“Als het zo doorgaat, moeten jonge mensen minstens tot hun dertigste bij hun ouders blijven wonen. Ik zie veel jongeren sukkelen van ene naar de andere interimjob. Dat biedt je geen enkele financiële zekerheid. Je kunt simpelweg geen toekomst uitbouwen, want vind maar eens een huurwoning als je geen vast arbeidscontract kunt voorleggen.” En zo zijn het gebrek aan betaalbare woningen en lage inkomens onlosmakelijk met elkaar verbonden.
 
Inkomen blijft iets waar veel mensen mee worstelen. “Wie op de armoedegrens leeft, moet voortdurend schrik hebben voor zelfs maar een kleine financiële tegenslag. Dan zit je meteen onder die grens, kun je bepaalde basisbehoeften niet meer betalen en bouw je schulden op.  Ik ken veel mensen die geen vast werk te pakken krijgen, maar er wel alles aan doen om aan de slag te blijven. Ze hoppen van interimjob naar interimjob met telkens contracten van 8 of 9 maanden. In de haven van Zeebrugge wordt er zelfs met dagcontracten gewerkt. Als je dan de pech hebt om tijdens zo’n contract ziek te vallen, moet je daarna overleven met een minimale werkloosheidsuitkering. Ik vind dat heel onrechtvaardig. Je wordt nog eens extra gestraft omdat je ziek bent. Zoiets krijg je toch niet uitgelegd?”
 
Voor veel mensen is werk vinden, zelfs tijdelijk, een grote uitdaging. “Niet omdat ze niet willen werken, zoals veel politici graag laten uitschijnen”, zegt Monique. “Maar omdat er maar weinig jobs zijn voor wie kortgeschoold is. Die jobs zijn vaak ploegenwerk. Je moet er dan ook nog geraken. Openbaar vervoer is vaak geen optie en een wagen en een rijbewijs kosten veel geld. Dan hoor ik pleiten om werkloosheidsuitkeringen nog sneller te laten zakken. Men moet mij toch eens uitleggen hoe dat de drempels richting arbeidsmarkt voor die mensen wegwerkt.”
 
Wat Monique helemaal tegen de borst stuit zijn de flexi-jobs die deze regering invoerde. “Leuk voor wie al werk heeft en iets wil bijverdienen, maar dat zijn net de jobs waar kortgeschoolden nog voor in aanmerking komen, bijvoorbeeld in de horeca. Ik zie het hier en daar al gebeuren. Mensen met een laag diploma worden ontslaan en vervangen door door flexi-jobbers, want die kosten veel minder op vlak van sociale zekerheid. Een schande is het. Begin dan maar terug werk te zoeken als je de 50 gepasseerd bent en geen hoog diploma kunt voorleggen. Politici zouden veel meer moeten nadenken voor ze zulke onbezonnen maatregelen nemen. Niemand die erbij stil gestaan heeft welke impact dat heeft op kwetsbare mensen.”
 
 En die mensen moeten in Oostende op zoek naar een woning op een markt waar maar zeer weinig betaalbare huizen of appartementen beschikbaar zijn. “Gemiddeld sta je hier tussen de 7 en 10 jaar op de wachtlijst voor een sociale woning. Dat zegt genoeg. Het stadsbestuur is al een tijd bezig met multi-bel-acties. Daarbij valt men systematisch binnen in appartementsgebouwen om illegale woonsituaties aan te pakken. Zeer intimiderend voor wie in zo’n flat woont, want zij zijn uiteindelijk wel het slachtoffer. En een echt alternatief is er niet voor hen, net door die krapte op de huurmarkt.”
 
De sociale huisvestingsmaatschappij voorziet wel een formule van ‘tijdelijke bezetting’ voor wie uit een onbewoonbaar verklaarde woning gezet wordt. “Dat zijn woningen die wachten op renovatie. Een tijdelijke oplossing dus, en die huizen of appartementen zijn ook niet echt energiezuinig, vandaar dat ze moeten gerenoveerd worden. Op de koop toe verliezen mensen zo hun recht op een huursubsidie.”
 
Op zich vindt Monique het wel goed dat streng gecontroleerd wordt op de kwaliteit van woningen. “Maar zo lang je geen waardig alternatief kunt bieden, blijft het natuurlijk dweilen met de kraan open. Bovendien dreigen eigenaars verder af te haken. Je zou ook hen moeten stimuleren om hun woningen deftig te renoveren en betaalbaar te verhuren, bijvoorbeeld via een sociaal verhuurkantoor. Nu zien we dat ze hun eigendom dan maar verkopen of verhuren als tweede verblijf en zo wordt de krapte alleen maar groter.”